In deze blog lees je
- Waarom snoepen bij AD(H)D vaak meer is dan gebrek aan discipline
- Hoe prikkels, beloning en impulsiviteit je eetgedrag beïnvloeden
- Waarom snoep snel rust, afleiding of prikkel kan geven
- Waarom één snoepje vaak niet bij één snoepje blijft
- Wat food noise met AD(H)D te maken kan hebben
- Waarom strengheid het patroon vaak sterker maakt
- Waar je naar moet kijken als je steeds blijft terugvallen
Je weet wat gezond is, maar toch gebeurt het weer
Ze zei het halverwege het gesprek, op de toon van iemand die het zichzelf al honderden keren heeft gezegd: "Ik weet prima wat gezond is. Echt, ik weet alles. Maar 's avonds blijf ik toch gewoon teruglopen naar de kast."
Snoepjes tijdens het werken. Chocolade bij de koffie. Die ene zak chips die 'even' open gaat en leeg eindigt. En daarna dat vertrouwde gevoel van: waarom doe ik dit nou steeds?
"Ik heb gewoon geen discipline," zei ze. "Dat is het."
Maar dat klopte niet. Ze had op haar werk meer dan genoeg discipline. Ze stuurde een team aan. Ze hield schema's bij. Ze zorgde voor haar gezin. Op een heleboel gebieden was ze wél sterk genoeg.
Toch bleef ze 's avonds teruglopen naar die kast. En ze begreep zichzelf er niet bij.
Dat is een van de meest pijnlijke dingen aan dit patroon. Niet het snoepen zelf, maar de conclusie die je er na verloop van tijd over trekt. Terwijl die conclusie in veel gevallen gewoon niet klopt.
Waarom AD(H)D snoepen ingewikkelder kan maken
AD(H)D is niet gewoon "een beetje druk zijn" of "soms vergeetachtig." Het is een systeem dat anders omgaat met prikkels, aandacht, uitstelgedrag, chaos, onrust en emoties.
Een AD(H)D-brein zoekt continu naar beloning. Niet omdat het lui is, maar omdat de dopaminehuishouding gewoon anders werkt. Het systeem heeft meer moeite om geduldig te wachten op beloning die later komt. Het reageert sterker op iets wat nu direct iets oplevert.
Snoep past daar precies bij. Het is snel, zeker, voelbaar en levert direct iets op. Geen wachten. Geen inspanning. Gewoon: actie, en dan meteen resultaat.
Daar komt bij dat impulsiviteit een rol speelt. De kast open en de hand erin voordat de gedachte "ik wil dit eigenlijk niet" überhaupt volledig is gevormd. Dat is niet een karakterfout. Dat is hoe impulsiviteit werkt.
En dan is er nog de kant van emotie-eten: als emoties harder of sneller binnenkomen, en je niet altijd weet hoe je ze moet verdragen of benoemen, zoekt je systeem iets wat dat tijdelijk oplost.